Vitamine D spiegels voorspellen overlevingskans hartfalen
Geplaatst op 31 augustus 2010
De overlevingskansen van patiënten met een hartfalen waarbij verlaagde vitamine D spiegels in het bloed worden gevonden zijn lager dan van degenen die normale vitamine D spiegels hebben. Dit is de conclusie van een uitgebreid onderzoek, uitgevoerd in het UMC in Groningen, en gepresenteerd op het European Society of Cardiology congres van 2010 in Stockholm.
De resultaten suggereren tevens dat lage vitamine D spiegels geassocieerd worden met de activatie van het Renine Angiotensine Systeem (RAS) , een belangrijk hormonaal regelsysteem bij hartfalen, en voorts een veranderd cytokinenprofiel.
Vitamine D wordt in de huid geproduceerd onder invloed van ultraviolet type B straling (UV-B) van de zon (of zonnebank). Vitamine D is van oudsher bekend omdat lage bloedspiegels het ontstaan van rachitis ofwel Engelse ziekte – die gekenmerkt wordt door stoornissen in de botontwikkeling door onvoldoende vitamine D en calcium – kunnen veroorzaken. De laatste jaren echter hebben nieuwe onderzoeken licht geworpen op de talrijke functies van vitamine D in het lichaam. Aangetoond is dat dat de meeste weefsels en cellen een vitamine D receptor hebben, en er bestaat gedegen bewijs dat de aanwezigheid van voldoende vitamine D een rol speelt in de vermindering van het risico op verschillende chronische ziekten, zoals vele soorten kanker, auto-immuunziekten, nierziekten, chronische infecties, verhoogde bloeddruk en nu klaarblijkelijk ook hartfalen.
Studies bij muizen, die geen vitamine D-receptoren hebben, laten zien dat deze kenmerkende tekenen van hartfalen ontwikkelen, terwijl kleinschalige klinische onderzoeken bij mensen met hartfalen hebben laten zien dat lage vitamine D spiegels bij deze patiënten een consistente factor is.
Er zijn verschillende mogelijke redenen waarom de vitamine D bloedspiegels bij hartfalen-patiënten laag zijn, zoals het feit dat ze als gevolg van hun ziekte vaak bedlegerig zijn, of aan huis gebonden. Zo’n situatie leidt al snel tot een ernstig gebrek, omdat 80 tot 90 procent van de vitamine D wordt aangemaakt door blootstelling aan UV-B straling. Een andere factor is dat het vermogen van de huid om vitamine D aan te maken vermindert naarmate men ouder wordt en hartfalen komt heel vaak voor bij oudere mensen. Verder staat ernstig hartfalen vaak in verband met een gestoorde nierfunctie, dit als gevolg van een verminderde bloedtoevoer. Deze gestoorde nierfunctie is verantwoordelijk voor een verminderde omzetting van vitamine D in haar actieve vorm (calcitriol), omdat deze omzetting in het nierweefsel plaatsvindt. Al deze factoren kunnen bijdragen tot een vitamine D gebrek bij patiënten met een hartfalen.
Observaties bij dieren suggereren dat vitamine D de activatie van het RAS (Renine Angiotensine Systeem) afremt. Het RAS is verantwoordelijk voor de regulatie van bloedvolume en de bloeddruk en heeft een belangrijke invloed op hartfalen. Door te lage vitamine D bloedspiegels kan het RAS geactiveerd worden, waardoor het ontstaan en de progressie van hartfalen wordt gestimuleerd. Er bestaan ook sterker wordende aanwijzingen dat een overproductie van ontstekingsbevorderende cytokines (en het tekort in de aanmaak van ontstekingsremmende cytokines) een belangrijke rol speelt bij hartfalen. Verschillende studies hebben aangetoond dat vitamine D het cytokinenprofiel verandert en daardoor de ontstekingsprocessen bij hartfalen kan beïnvloeden.
In de huidige studie werd de vitamine D concentratie in het bloedplasma bepaald bij 548 patiënten met hartfalen. De resultaten lieten zien dat de vitamine D concentratie in het bloed in direct verband stond met de prognose voor het hartfalen. Patiënten met lagere spiegels hadden een hogere kans op sterfte of heropnames, terwijl patiënten met hogere spiegels minder risico op overlijden hadden. Voorts werden er significante correlaties gevonden tussen vitamine D en plasma renine activiteit en CRP (c-reactieve proteïne, een ontstekingsparameter). Deze correlaties suggereren dat het verband tussen vitamine D en de prognose voor hartfalen verklaard kan worden door de activatie van het RAS én het veranderd cytokinenprofiel.
Deze studie toont duidelijk aan dat adequate vitamine D bloedspiegels bij patiënten met hartfalen de overleving in deze groep verbetert. Er is echter nog wel verder onderzoek nodig om de zaak beter in kaart te krijgen. Tot die tijd wordt patiënten met hartfalen geadviseerd hun vitamine D spiegels op peil te houden door inname van voedingssupplementen, door consumptie van vette vis (met mate!) en eieren, of simpelweg door meer in de zon te vertoeven.
Lees ook: voldoende magnesium nodig voor opname van vitamine D
Bron
http://www.sciencedaily.com/
Jan Slemmer / Advance natuurgeneeskundige praktijk
Hallo, ik ben Loes Machielsen.